We spraken Hans Huibers over zijn recente terugkeer bij FICA. Hans Huibers, een van de medeoprichters van FICA, deelt zijn motivatie om weer actief deel te nemen aan het bestuur van de organisatie. Hij benadrukt zijn sterke verbondenheid met FICA en de oorspronkelijke visie, evenals zijn wens om zijn expertise en netwerk in te zetten voor verdere groei en ontwikkeling van de community.
“Als een van de oprichters van FICA voelde ik me nog betrokken bij de organisatie, vooral gezien de ontwikkelingen en groei die het heeft doorgemaakt sinds mijn vertrek. De uitdagingen en ambities zijn nog steeds groot, en ik zag kansen om mijn ervaring en netwerk in te zetten voor de verdere ontwikkeling.”
Kun je wat meer vertellen over de projecten waaraan je nu werkt of van plan bent te werken?
“Momenteel zijn we bezig met projecten zoals Bean me up! 2.0 en het waterlinzenproject. Daarnaast zijn er plannen voor een project in samenwerking met Baking Lab Amsterdam over maatschappelijke diensttijd voor jongeren. We streven ernaar om deze initiatieven de komende jaren structureel vorm te geven.
We hebben binnen ons netwerk bedrijven en onderwijsinstellingen maar er zijn binnen FICA ook samenwerkingen onderling tussen deze bedrijven en onderwijsinstellingen die de stuwende kracht zijn achter deze projecten. De meerwaarde zit niet alleen in het onderwijs en het bedrijfsleven maar juist ook in de innovatie onderzoekscomponent die de bedrijven onderling bij elkaar zoeken en elkaar daar ook in vinden. Om daar vervolgens samen expertises in uit te wisselen, open innovatie noemen we dat. Dat is uniek en daar is FICA goed voor. FICA is dus geen doel in zichzelf, maar een belangrijk middel. En dat is de volgende fase denk ik.
Het gaat dus eigenlijk over veel meer, want vandaag is het veldbonen, morgen zijn het misschien tomatenstelen en overmorgen… We moeten niet stil blijven staan bij het succes van bijvoorbeeld een project als Bean me up!. Het is belangrijk ook te blijven kijken naar nieuwe vormen. En daarvoor is de structuur van FICA een belangrijk middel.
Daarnaast ligt er een enorme uitdaging in het onderwijs, vooral in het mbo en hbo. Hoewel voeding een centraal thema is waar bijna iedereen, jong en oud, mee bezig is – of het nu gaat om gezondheid, beweging, armoedebestrijding, voedselbanken, mondiale vraagstukken of duurzaamheid – lijken de voedingsopleidingen toch te kampen met een zekere stagnatie. Deze discrepantie vormt een opmerkelijke tegenstelling waar FICA naar zijn mening een belangrijke rol in kan spelen. Dankzij het FICA-netwerk hebben we de mogelijkheid om diverse richtingen op te gaan. We leggen verbindingen met andere kennis en expertise velden, buiten de directe voedingstechnologie. Denk aan samenwerkingen met opleidingen als Creative Business of opleidingen binnen de technische business.”
Kortom, FICA zou volgens Hans moeten fungeren als een motor voor mobilisatie aan de basis, waarbij we jongeren van verschillende onderwijsniveaus, van vmbo en mbo tot hbo, enthousiasmeren en betrekken bij voeding gerelateerde vraagstukken.
“Het initiatief begint natuurlijk bij de individuele bedrijven en onderwijsinstellingen zelf. Het kan alleen slagen als er bedrijven zijn die overtuigd zijn van de waarde van deze ontwikkeling. Gelukkig zijn die er. Neem bijvoorbeeld NMK Esbaco, waar ik momenteel ook werkzaam voor ben. Maar hetzelfde geldt voor Oliehoorn, Vezet, Aviateur, CONO en eigenlijk het hele netwerk van bedrijven dat we met elkaar verbinden via het FICA-netwerk. Dit omvat niet alleen Inholland en Vonk, maar ook andere instellingen buiten de regio. Het Practoraat en het Lectoraat zullen zich hierop moeten richten.
Het mooie is dat de motivatie aanwezig is. Bij de voedingsopleidingen, studenten, docenten en lectoren. Door de pioniers samen te brengen, zowel binnen bedrijven als onderwijsinstellingen, wordt er veel energie gecreëerd. Dit is de afgelopen tien jaar bewezen. “We laten meerwaarde zien door projecten die zowel voor bedrijven als voor onderwijsinstellingen waarde toevoegen. Bedrijfsinnovatie leidt immers tot onderwijsinnovatie, en andersom.”
En staan er nu op korte termijn interessante projecten of plannen waar jij nu ook mee aan de slag gaat op de planning?
“Zeker, er staan enkele boeiende projecten op korte termijn op de agenda waar ik me op ga richten. Het Bean me up! 2.0-project is van groot belang, evenals het project rond de waterlinzen dat op projectniveau plaatsvindt. Daarnaast zijn de plannen ook zeker om meer projecten mogelijk te maken met andere innovatie thema’s. In Alkmaar zijn we bezig om de verbinding tussen mbo en hbo én tussen foodopleidingen met andere opleidingen te vinden.
Dit zijn al behoorlijk omvangrijke operaties. Daarnaast hopen we een project te starten in samenwerking met Baking Lab in Amsterdam over maatschappelijke diensttijd voor jongeren, beginnend bij het mbo maar met de intentie om dit ook naar het hbo uit te breiden. Er liggen dus diverse initiatieven voor de komende jaren die we structureel zullen moeten gaan ontwikkelen!”